In september vraagt je lichaam vaak opnieuw om ritme, rust en houvast.
In september verandert er vaak meer dan je denkt.
De dagen worden korter. Je zit vaker binnen. De agenda loopt weer vol. Je eet minder makkelijk salades en fruit. Je beweegt minder vanzelf. En ’s avonds lonkt de bank sneller dan een wandeling.
Misschien herken je dit.
Je was van plan om na de zomer weer lekker in je ritme te komen. Maar ineens voel je je futloos. Je hebt minder zin om te koken, meer trek in iets makkelijks en je komt lastiger in beweging.
Dat betekent niet dat je lui bent. Je lichaam probeert zich aan te passen aan een nieuw seizoen en een vollere agenda.
September lijkt soms op januari. Je wilt weer grip.
Gezonder eten. Beter slapen. Meer bewegen. Minder snaaien. Meer structuur.
Maar als je te veel tegelijk wilt, raak je snel gefrustreerd. Zeker als je energie al lager is.
Je lichaam heeft geen streng plan nodig. Het heeft houvast nodig.
In de zomer ben je vaak vanzelf meer buiten. Je loopt makkelijker een rondje, zit langer in de tuin en eet vaker licht.
In september verandert dat. Je zit meer binnen. De avonden worden korter. Je agenda bepaalt weer meer je dag.
Dat kan invloed hebben op je energie.
Daarom is daglicht zo belangrijk. Een korte wandeling in de ochtend of lunchpauze kan al helpen om je lichaam weer ritme te geven.
Je hoeft in september niet vast te houden aan zomereten.
Als je minder zin hebt in salade, is dat niet fout. Je kunt ook gezond eten met warme, vullende maaltijden.
Denk aan soep, havermout, groente uit de oven, peulvruchten, ei, kip, vis, noten of een goed gevulde lunch.
Gezond eten volhouden lukt beter als je voeding kiest die past bij het seizoen én bij jouw leven.
Als je moe bent, zoekt je lichaam sneller naar snelle energie. Dan krijg je sneller trek in koek, brood, chocolade, kaas, chips of iets warms en vullends.
Dat is geen gebrek aan discipline.
Het is vaak een signaal dat je batterij leeg is of dat je overdag te weinig basis hebt gehad.
De oplossing begint dus niet alleen met “niet snaaien”. De oplossing begint eerder: met beter eten overdag, genoeg drinken, daglicht, rustmomenten en slaap.
Begin met drie basisdingen:
Daglicht.
Eiwitten.
Slaap.
Ga elke dag even naar buiten. Zorg bij ontbijt of lunch voor iets met eiwitten. Maak je avond iets rustiger, zodat je lichaam kan zakken.
Het hoeft niet perfect. Het moet vooral herhaalbaar zijn.
Kies één stap die je morgen ook nog kunt doen.
Maak een korte wandeling. Voeg eiwitten toe aan je lunch. Zet water klaar. Maak een warme voedzame maaltijd. Of ga een half uur eerder naar bed.
Vraag jezelf niet af:
“Waarom ben ik zo futloos?”
Vraag jezelf liever af:
“Welke kleine stap geeft mijn lichaam vandaag meer houvast?”
Als je ieder jaar merkt dat je in september terugvalt, moe wordt of opnieuw streng wilt beginnen, is het waardevol om naar je patroon te kijken.
Misschien ligt de oplossing niet in harder je best doen, maar in beter begrijpen wat jouw lichaam nodig heeft bij drukte, minder licht, minder beweging en stress.
Samen kijken we naar voeding, stress, slaap, herstel en gewoontes. Zodat je niet alleen start, maar het ook kunt volhouden.
Omdat je ritme verandert, je agenda voller wordt, je minder buiten bent en je lichaam opnieuw moet schakelen.
Daglicht, regelmatige maaltijden, voldoende eiwitten, beweging, slaap en rustmomenten kunnen helpen.
Nee. Streng beginnen zorgt vaak voor terugval. Begin liever met kleine gewoontes die passen bij je energie.
Minder energie, meer binnen zitten, stress en kouder weer kunnen zorgen voor meer behoefte aan vullende of zoete voeding.
Je hoeft niet te wachten tot je helemaal vastloopt. September is juist een goed moment om rustig terug te bouwen.
Niet streng.
Niet ingewikkeld.
Wel haalbaar.
Groetjes Allette van Bruggen
ALL BY Change